Overdenking

De overdenking van de dominee

Bron: Gemeentebrief 4 / 2018

Hij zal de volken vrede verkondigen.
Zach. 9:10

De adventstijd begint zo of is al begonnen. Wij bereiden ons voor op Kerst. In de donkerste tijd van het jaar steken wij elke zondag een kaarsje meer aan. Vier zondagen lang. Totdat het eindelijk Kerst is. Het licht van de kaarsen laat de donkerheid om ons heen langzamerhand verdwijnen totdat wij op de avond van 24 december de geboorte van Jezus Christus vieren. Want zoals de kaarsen licht geven in het donker om ons heen zo verlicht Jezus ons leven. Als het ware brengt hij licht in de donkerheid van ons leven.

Dat klinkt wel mooi. Wie zou dat niet willen? Maar ons leven is vaak zo moeilijk, zo veel zorgen die wij hebben en er lijkt soms zo weinig uitzicht op oplossing van onze problemen … het is alsof wij in het donker zitten. En dan is er geen licht. Niets wat ons een beetje hoop geeft om toch daarop te
vertrouwen dat het wel verder gaat, dat het goed komt en er misschien toch een oplossing is.

De profeet Zacharia zegt over deze Jezus (Zach. 9:10): “Hij zal de volken vrede verkondigen.” – Dat zal het zijn? Iemand die van vrede vertelt? Wat zal mij dat helpen? Praatjes vullen toch geen gaatjes! En bovendien: wat moet ik met vrede? Wij hebben toch geen oorlog hier in Nederland?! Vrede heb ik dan toch niet nodig! Ik heb hulp nodig met mijn problemen! Daarvoor moet een oplossing komen.

In Jak. 3:18 kunnen wij lezen: “Gerechtigheid is een vrucht, die in vrede wordt gezaaid voor hen, die vrede stichten.”

Vrede is blijkbaar veel meer dan alleen geen-oorlog. Vrede heeft te maken met het welzijn van
mensen. Vrede heeft te maken met onszelf, met onze harten, met onze families en vrienden, het heeft te maken met ons leven en onze problemen. Vrede is er pas als het goed gaat met ons. Als wij vrede hebben met onszelf en anderen.

Vrede begint dus niet bij de anderen ver weg van ons, maar in ons eigen hart. … en let u goed op de woorden, het ‘begint’ daar. Vrede komt blijkbaar niet zomaar!

Het is net als met een plant die een stuk vruchtbaar grond nodig heeft om te kunnen groeien. Want als de bodem niet vruchtbaar is, als wij niet goed voor de plant zorgen, dan kan het ook geen vruchten dragen. Wij kunnen niet gerechtigheid en rechtvaardigheid, wij kunnen niet een verbetering van onze situatie bereiken, als niet deze bodem, deze basis aanwezig is. Vrede kan dus alleen groeien als onze harten deze bodem is.

Want als wij wel het licht van Jezus in onze harten dragen, het licht van zijn liefde en zijn kracht, van inzicht en vergeving … dan kan er ook verandering komen. Als wij ons daarvan bewust zijn dat onze kracht in dit licht ligt, dan kunnen wij ook een positieve toekomst zien, hoe donker het misschien ook om ons heen lijkt.

Discriminatie, werkloosheid, ziekte, geen opleidingsmogelijkheden, strijd onderling, verslaving … al dat is onvrede die schreeuwt om vrede. Ruzie, angst, pijn en verdriet … verlangen naar genezing. Dat zijn allemaal situaties die ons leven met de schaduw van onvrede bedekken, die ons bedrukken, en het donker om ons heen maakt. Situaties waarin wij licht hard nodig hebben om de moed niet te
verliezen, om niet op te geven, om aan deze vrede te werken … en alles begint met de vrede in onze eigen harten.

Bron: Gemeentebrief 3 / 2018

Verzamelt geen schatten op aarde,
waar mot en roest ze ontoonbaar maakt
en waar dieven inbreken en stelen;
maar verzamelt u schatten in de hemel,
waar noch mot noch roest ze ontoonbaar maakt
en waar geen dieven inbreken of stelen.
Want, waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.”
Mat. 6:19-21

Hoezo geen schatten verzamelen op aarde??? Iedereen wil toch mooie dingen hebben, het liefst rijk willen zijn en natuurlijk goed eten en drinken. Dat zijn toch allemaal wel tekenen van rijkdom en overvloed. En gaat het op het oogstfeest niet ook juist over dank voor al dat wat wij ontvangen en al dat wat wij oogsten en dan niet alleen het voedsel. God geeft het ons als het ware toch allemaal zelf? En dan horen wij dat wij de schatten toch maar niet op de aarde moeten verzamelen maar ergens anders, namelijk in de hemel. Daar begrijp ik nu helemaal niets van. Proberen wij dan eens om het op een rijtje te zetten.

Wat een schat is, dat weten wij toch eigenlijk: een zak geld of diamanten misschien of een miljoen in de loterij. Maar als er staat: “Waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn,” dan klinkt dat toch anders. Want ons geld hebben wij tenslotte op de bank liggen en niet in ons hart.

Maar welke schat ik wel in mijn hart met mij mee draag, dat is mijn … schatje, SKADI, MI GOEDOE. Degene waarvan ik hou die noem ik toch ook mijn schat. Die ligt mij wel aan het hart. Die persoon is voor mij waardevol. En soms kan je ook in de ogen van mensen lezen dat zij zulk een schat hebben, want dan stralen hun ogen.

En als MI GOEDOE een schat is die in mijn hart ligt omdat die persoon voor mij belangrijk is, dan kan ik misschien ook begrijpen dat andere dingen die voor mij waardevol zijn mij aan het hart gaan. En dat zijn niet alleen mensen maar kunnen ook gewoon dingen zijn. De ene verzamelt postzegels en dat is voor hem/haar belangrijk. De andere hecht er waarde aan om bijzondere kleding te dragen en voor weer een ander is een groot huis, zijn rijkdom of zijn auto. Die krijgt dan de meeste zorg en de meeste aandacht. Die worden gestreeld en geboend, soms meer dan de mensen om je heen.

Maar Jezus zegt ook niet dat wij geen schatten zullen verzamelen, alleen niet op aarde maar wel in de hemel. Want de schatten op de aarde worden toch met de tijd onaanzienlijk of gaan kapot, of nog erger zij worden misschien ook nog gestolen. Zo een auto is een goed voorbeeld. Je hebt het net gewassen en de duiven laten hun behoefte er direct op de voorruit vallen. En een auto is niet voor eeuwig. Ook als er geen deuken in komen zal een auto toch uiteindelijk beginnen te roesten. En over autodiefstal hoeven wij helemaal niet meer te spreken. Dus zo een schat is zeker niet voor eeuwig. En bovendien krijg je er misschien meer grijze haren van dan dat je er plezier aan beleeft.

Dat is ons zeker duidelijk. Maar hoe verzamel je schatten in de hemel? Dat kunnen wij ons niet werkelijk voorstellen. Wat heb je nu daaraan? Zeker, daar gaat niemand een auto stelen. Maar wat heb je nu aan een auto dat in de hemel staat. Dat is zo ver weg, en je weet niet eens of ze daar straten, snelwegen hebben of een snelheidsbeperking of betaald parkeren.
Wat kan er anders mee bedoeld worden met het verzamelen van schatten in de hemel?

De schatten in de hemel, waarnaar wij op zoek zijn, zijn dus niet waardevolle dingen die wij misschien pas later krijgen – in de hemel. Het is veelmeer iets wat wij niet zo gemakkelijk kunnen aanraken omdat het alleen in onze harten kan zitten. Maar dat toch van onvergankelijke waarde is voor ons leven nu. Het is Gods liefde.

En zo is dat met de liefde: wij kunnen in de ogen van elkaar zien, als er liefde is. Onze ogen zijn net als een raam, waardoor men in onze harten kan kijken. Onze ogen zijn als een spiegel van onze ziel. Als in onze ogen liefde te zien is dan merken dat anderen mensen. Maar zijn zij koud en donker, dan ziet het er ook koud en donker uit in ons leven. Al de verzamelde schatten van de aarde maken het leven wel soms makkelijker, maar zij verlichten het niet. Gods liefde doet dat wel.

Met oogstfeest danken wij dan ook niet alleen voor het voedsel dat wij nodig hebben voor onze lichaam maar juist ook voor Gods liefde in onze harten die onze ziel voedt. Je kan er nooit genoeg van hebben. Want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn!

C.W. Lindner